Hoe zorgen we mét elkaar?
De zorg ontwikkelt zich snel. Dat vraagt om nieuwe manieren van samenwerken: met elkaar, met familie en met vrijwilligers. Om te laten zien wat deze veranderingen in de praktijk betekenen, organiseert het Van Kleef Instituut theatervoorstellingen voor haar kernpartners.
In het sfeervolle theater ’t Kappelletje in Rotterdam zien medewerkers van Laurens hun eigen werk terug op het podium. De voorstelling wordt gespeeld door theatergroep Ervarea, die met herkenbare situaties het publiek aan het denken zet. Met grappige en soms ook pijnlijke scènes. Zo zien we hoe een zoon zijn vader verhuist naar het verzorgingshuis en het advies krijgt om de eerste zes weken niet langs te komen. ‘Dat is beter voor het wennen,’ zegt de zorgmedewerker droog.
Later volgt een scène waarin een bewoner – die op dag 1 nog trots zelf koffie zet – na drie dagen toch maar overstapt naar het vaste koffierondje om tien uur. Zijn initiatief wordt langzaam overgenomen door het ritme van de organisatie.
Theater laat het je voelen
‘De zorg zoals we die nu kennen, moeten we anders gaan vormgeven’, vertelt Bas Poels, projectleider bij Laurens. ‘Vanwege personeelstekorten, maar óók omdat we een betekenisvol leven meer voorop willen stellen. Dit vraagt om anders leren kijken naar ons werk: niet meer alle zorg overnemen, maar sámen met bewoners, familie en vrijwilligers zorgen voor een goede dag. Daar kunnen we eindeloos over praten, maar met theater laat je het voelen en zien.’
Knuffel van een robot?
De voorstelling maakt een sprong naar de toekomst. Misschien is de zorg dan wel in handen van een robot: met een woordenboek voor empathie (‘kom kom, nou nou, stil maar’), moppenboeken met in te stellen lachsalvo’s (‘schaterlach of gegniffel?’), of een knop voor een knuffel op verzoek. De reacties uit het publiek waren duidelijk: ‘Dit wordt niks,’ ‘Ik krijg hier buikpijn van,’ en ‘Het is geen mensenwerk meer.’
Team onderbroek of sok
Tussen de scènes door vraagt theatermaker Barbara Oppelaar: ‘Welk kledingstuk trek jij ’s ochtends als eerste aan? Ben je team onderbroek of team sok?’ De zaal lacht, maar de boodschap is helder: iedereen heeft zijn eigen volgorde bij het aankleden. Dat geldt ook voor de mensen aan wie we zorg geven. Als je iemands ritme of routine ongemerkt verandert, neem je iets over. Barbara vat het samen in één vraag die blijft hangen: ‘Wat mogen we níet van iemand overnemen?’ Een vraag die niet alleen voor zorgverleners geldt, maar ook voor familie.
Wat blijft hangen
Na afloop praten medewerkers na over de scènes die ze net hebben gezien. ‘De voorstelling raakt echt iets,’ zegt Rosanne, verzorgende IG bij Laurens. ‘Er verandert veel in de zorg, dat merk je elke dag. Het is mooi om te zien hoe herkenbaar dat werd neergezet, zonder oordeel maar wel met een boodschap. Het laat me nadenken over hoe we bewoners en familie kunnen betrekken bij de zorg en hoe belangrijk het is dat iedereen zijn eigen rol houdt.’
Ook Natalie, coördinator informele zorg bij Laurens, herkent dat. ‘Vroeger brachten familieleden hun ouder en lieten de zorg daarna aan de zorgprofessionals over. Nu zoeken we veel meer de samenwerking met naasten. De vraag uit de voorstelling - wat mogen we níet van iemand overnemen - vind ik daar heel mooi bij passen. Die ga ik zeker gebruiken in gesprekken met familie. En aan mijn collega’s doorgeven!’ Bas Poels: ‘Verandering begint niet met regels, maar met een gesprek. En dat gesprek hebben we met deze theatervoorstelling op gang gebracht. Ik ben blij dat dat gelukt is.’